Better Gutenberg
Free, beautifully formatted public-domain ebooks
‹Better GutenbergHet Esperanto in Twintig LessenAchtervoegsels ig en iĝ · 61 of 118Contents›

Het Esperanto in Twintig Lessen

by A. Blok

61 of 118 · Contents · Download EPUB

Achtervoegsels ig en iĝ

Ig(i) beteekent iets of iemand in den toestand brengen door het grondwoord uitgedrukt, bijv.:

bruli = branden, bruligi = doen branden.
varma = warm, varmigi = warm maken.
granda = groot, grandigi = groot maken.
fali = vallen, faligi = laten of doen vallen.

Aanmerking: Men zij voorzichtig met de vertaling van het werkwoord laten = lasi.

Laten heeft twee beteekenissen n.l. een waarin geen verandering in den toestand gebracht wordt en een waarin wel verandering in den toestand gebracht wordt.

In het eerste geval vertaalt men lasi en in het tweede geval wordt laten samengesmolten met het bijbehoorende werkwoord door hierbij het achtervoegsel ig te gebruiken.

Bijv.: Laat de dokter komen, wordt vertaald (zonder verandering van den toestand) Lasu veni la kuraciston, en (met verandering van den toestand) Venigu la kuraciston.

Verder wordt in de Ned. taal de aanvoegende wijs (welke de handeling voorstelt als gewenscht, uitgang u) veelvuldig uitgedrukt met het werkwoord laten. Dit laten mag nooit vertaald worden met het Esperanto werkwoord lasi daar n.l. een verandering in den toestand wordt gebracht, bijv.:

laat ons leeren = ni lernu.
laat ons gaan = ni iru.
laat ons beginnen = ni komencu.

Iĝ(i) beteekent worden, zich maken, of in den toestand komen, wat het grondwoord uitdrukt, bijv.:

pala = bleek, paliĝi = bleek worden.
sidi = zitten, sidiĝi = zich nederzetten, gaan zitten.
fari = doen (maken), fariĝi = worden, ontstaan, zich tot.... maken.

← Back to Het Esperanto in Twintig Lessen

Scroll to Top