Eerste Les
Het Lidwoord
Het eenige lidwoord in ’t Esperanto is la, onverschillig voor welk geslacht of getal: la patro = de vader, la patrino = de moeder, la infano = het kind, la patroj = de vaders.
Ons onbepaald lidwoord een (’n) blijft onvertaald, dus: een of ’n vader = patro, een of ’n kind = infano.
Aanmerking: In gedichten ter verkrijging van de dichtmaat en soms wel in de schrijftaal, wordt ook wel l’ gebruikt, doch in het laatste geval maar alléén na voorzetsels met een klinker op ’t eind.