Better Gutenberg
Free, beautifully formatted public-domain ebooks
‹Better GutenbergDe grondbeginselen der Nederlandsche spellingToevoegsel, in te lasschen tusschen § 119 en 120 · 6 of 9Contents›

De grondbeginselen der Nederlandsche spelling

by L. A. te Winkel

6 of 9 · Contents · Download EPUB

Toevoegsel, in te lasschen tusschen § 119 en 1201

In de verkleinwoorden, afgeleid van samengetrokken vormen, in welke eene d is uitgestooten, is men tot dusverre gewoon geweest die d in de spelling te herstellen. Men schrijft laadje, slaadje, bedsteedje, sleedje, zoodje, zijdje, luidjes, van lade, salade, bedstede, slede, zode, zijde, luiden (lieden). Aan de wettigheid van die schrijfwijze werd nooit getwijfeld: zij scheen als vanzelf aangewezen. En toch berustte zij op een misverstand, dat men slechts behoeft op te merken, om er terstond de onjuistheid van in te zien. De regelmatige verkleining van de genoemde woorden zou ladetje, saladetje, bedstedetje, sledetje enz. zijn; doch die vormen heeft de taal niet gewild, zij waren te slepend voor woorden van meestal zeer alledaagsche beteekenis. Evenals de spreektaal in de grondwoorden bijna uitsluitend de samengetrokken vormen la, sla, bedstee, slee, zoo, zij, lui (van mnl. luide, liede) bezigt, deed men hetzelfde bij de vorming der verkleinwoorden, die dus niet van de oorspronkelijke, maar van de samengetrokken vormen zijn afgeleid. In die samentrekkingen was de d van lade, slede enz. voorgoed verdwenen. Er kan geen de minste reden bestaan om die d terug te roepen, en laadje, sleedje enz. te schrijven. Die vormen zouden op grondwoorden als laad, sleed enz. wijzen, die niet bestaan. De tongletter, die in de genoemde verkleinwoorden gehoord wordt, is derhalve niet de d van de oorspronkelijke woorden, maar de t, die noodzakelijk ingelascht moest worden in deminutieven van woorden als la, slee, zoo, zij, alle op klinkers uitgaande. Evenals van pa, ma, zee, ei, lei, kneu, bij, bui enz. de verkleinwoorden paatje, maatje, zeetje, eitje, leitje, kneutje, bijtje, buitje enz. luiden, behooren ook de van la, slee enz. afgeleide met de t geschreven te worden. De Redactie aarzelt dan ook niet eene spelling te laten varen, die op geenerlei wijze te rechtvaardigen is, en schrijft daarom naar den eisch der taal: laatje, slaatje, bedsteetje, sleetje, zootje, zijtje, luitjes enz.

Notes

1 Om geene verandering te brengen in de nommers der paragrafen, wordt dit toevoegsel afzonderlijk achteraan geplaatst.

← Back to De grondbeginselen der Nederlandsche spelling

Scroll to Top